Restauratie 1976
Lees vooral de tekst onderaan

        
De roeden zijn door en door verroest!!

                                     
In de kap worden allerlei vernieuwingen aangebracht. 

              
Voorbereidingen voor het compleet vernieuwen van het scheprad.

                                   
Bijna gereed. 

          
De schuur wordt geheel vernieuwd, behalve het voorste deel, de deur en de schoorsteen blijven behouden. 

 

                     
Enige fraaie plaatjes na het gereedkomen van de omvangrijke restauratie van 1976.

 

De Middelmolen

 
 
  Inv. nr. 47 (172)    
  Dorp Molenaarsgraaf    
  Gemeente Graafstroom    
  Eigenaar SIMAV (sinds 1968)    
  Type wipwatermolen    
  Functie oorspronkelijk het bemalen van de polder Giessen-Oudebenedenkerk    
  Bouwjaar onbekend    
  Opvoerhoogte Zomerpeil 0,80 m
Winterpeil 0,90 m
   
  Vlucht 25,80 m    
  Wiekvorm Oud-Hollands    
  Bovenas N.S.B.M., Feyenoord (1846)    
  Roeden binnenroede:Derckx Constructie, Beegden, nr. 220 (1977)
buitenroede: Derckx Constructie, Beegden, nr. 219 (1977)
   
  Wateras De Prins van Oranje, 's Gravenhage, nr. 498 (1867)    
  Sintelstuk gietijzer, fabricage-gegevens onbekend    
  Scheprad diameter: 5,50 m
breedte:   0,59 m
   
 
  Historische en technische bijzonderheden  
  Over de bouw en vroegere herstellingen van de molen is weinig bekend. In 1871 werden de achterzomer en de borstnaald vernieuwd.
Enige tijd nadat de molenstichting als nieuwe eigenaar van de molen optrad, werd een restauratieplan opgesteld dat in 1974 op f 190.000 werd begroot. In 1976 ontving de molenmakerij v/h fa. J. de Gelder b.v. te Arkel de opdracht voor restauratie. Het karwei bestond in hoofdzaak uit bet aanbrengen van een nieuw wiekenkruis, een nieuwe kap (inclusief daklijsten) en een nieuw stormbint, het vernieuwen van de staart, de kozijnen, ramen en deuren, het rietdek op de ondertoren, de schoepen van het scheprad en herstellingen aan het metselwerk. Na dit omvangrijke karwei werd de molen op 25 september 1978 weer in gebruik gesteld. De totale herstelkosten kwamen uit op een bedrag vanf 322.762.
Voor de restauratie was het stormbint van de molen beplankt met verticale delen, evenals bij de verdwenen Zuidmolen van dezelfde polder en bij de vroeger eveneens nabijgelegen Westeindse Molen van de polder Molenaarsgraaf. Tijdens de restauratie werd dit gewijzigd in de voor deze streek meer gangbare methode van het in visgraatverband aanbrengen van gepotdekselde delen, waardoor het doorslaan van regen door de planknaden beter wordt voorkomen. Toch is het jammer dat het oorspronkelijke beeld van de molen hierdoor is gewijzigd.
In 1981 is een belangrijk deel van het metselwerk van de achterwaterloop ingestort, wat spoedig werd hersteld.
Opvallend is dat het bovenwiel geknikt uitgezaagde kruisarmen heeft. Bij waterwielen komt dit vaker voor, maar bij bovenwielen zelden.

In 1995 is de molen stil komen te staan vanwege het kruiien. de molen is op het ZuidWesten gezet en bij een windrichting uit deze hoek kon er mee gedraaid worden. In 1998 is het kruiwerk geheel vernieuwd. De gehele bovenzetel is vervangen en er zijn neuten aangebracht in onder- en bovenzetel, bovendien zijn er meerdere verbeteringen aangebracht. zoals twee nieuwe kokerbalken in het onderhuis van de molen. Verder zijn er verbeteringen aangebracht in de muurplaten. 

De molen is weer in een goede staat van onderhoud.


VERSIERINGEN EN INSCRIPTIES
In een der kokervulstukken is gehakt:
I C M W 1757
I M W 1797

In een van de schoren in het bovenhuis is gehakt:
I V W H
P I V

In een van de plooistukken van het bovenwiel is gehakt:
H.V.D.BIE 1874
In de sluitsteen van de toog boven de achtergoot is gehakt:
CYVK
TAW
1655
ATM



Overgenomen uit het boek: "Van maalwerktuigen tot cultuurmonumenten" van de Stichting Publikaties Alblasserwaard en Vijfheerenlanden en aangevuld met de laatste gegevens.

 

naar boven